Speculaas granola

Tarwe- en glutenvrij – Maak het notenvrij, koolhydraat- of suikerarm

Als de dagen korter worden en de bodem van het bos wordt bedekt met een zachte oranje gloed, dan voel je dat het tijd wordt voor speculaas granola. 

Granola bevat echter vaak tarwe (gluten) en heel wat geraffineerde suikers. Hoe aantrekkelijk de granola in de supermarkt dus mag zijn, niet ieders lichaam verdraagt het. Speculaas kopen om te verwerken in een granola is bovendien geen optie, want die bevat eveneens gluten, geraffineerde suikers en vaak ook ei.

Daarom maakte ik deze héérlijke tarwe- en glutenvrije speculaas granola die met zijn zalige kaneelgeur het hele huis verwarmt. Het leuke aan granola is trouwens dat je kan gebruiken wat jij zelf lekker vindt.

Wat maakt een goede granola?

Granola bestaat uit een combinatie van granen of pseudo-granen met noten en zaden, die worden bedekt met een laagje boter en suiker en daarna worden geroosterd in de oven voor een diepere smaak. Door het verhitten van de suikers is er karamelisatie en wordt het geheel knapperig.

Granen (bijvoorbeeld tarwe*-, spelt*-, haver-, rijst- of gierstvlokken) of pseudo-granen (bijvoorbeeld boekweit- of quinoavlokken). Naast de vlokken kan je ook de grutten van de (pseudo-) granen gebruiken voor een extra crunch.  Ik gebruikte havervlokken, maar vervang deze in het onderstaande recept gerust door rijst-, gierst- of boekweitvlokken. Deze kan je vinden in een biowinkel of online. Je kan ook havermout gebruiken, maar dan is de granola net iets minder knapperig. Controleer op de verpakking of de granen geen sporen van gluten kunnen bevatten als je volledig glutenvrij moet eten.

Noten (amandelen, hazelnoten, cashewnoten, pinda’s, pecannoten, walnoten, macadamianoten, etc.) en zaden (pompoenpitten, zonnebloempitten, lijnzaad, chiazaad, meloenpitten, etc.). Je kan werkelijk alle soorten noten en zaden gebruiken voor granola. Kies wat je zelf lekker vindt.

Vetten zoals (plantaardige) boter of kokosolie.

Zoetmaker, liefst één met een lagere glycemische lading die minder effect heeft op de bloedsuikerspiegel en je bijgevolg geen bloedsuikerpiek bezorgt. Ik kies voor ahornsiroop, kokosbloesemsuiker of een banaan (zie het deel “Variaties” hieronder).

Speculaaskruiden mengeling

Ik maakte zelf een mengeling met véél kaneel, want ik ben er verzot op. Voeg voor een pittige versie gember en zwarte peper toe. Je kan ook een mengeling van speculaaskruiden kopen, maar – vermits elke mengeling anders wordt samengesteld door de producent – bekijk vooraf de ingrediëntenlijst om te beoordelen of je dit wel lekker zal vinden. De mix moet voor mij vooral zacht-zoet zijn, niet te pittig.

Bereiding

Ingrediënten (voor 500g)

  • 150g havervlokken
  • 80g boekweitgrutten (optioneel, maar aangeraden voor een extra crunch; vervang door quinoa of extra noten en zaden)
  • 100g pompoenpitten
  • 100g cashewnoten
  • snuf zout
  • 2 el kaneelpoeder
  • 1 el nootmuskaatpoeder
  • 1/4 el kardemompoeder
  • handjevol kruidnagels (of 1/4 el kruidnagelpoeder)
  • 1/4 el gemberpoeder (optioneel)
  • 1/8 el vanillepoeder (optioneel)
  • 35g (plantaardige) boter of kokosolie
  • 35ml ahornsiroop of andere zoetmaker

Methode

Verwarm de oven voor op 160°C (hetelucht) en bekleed een bakplaat met bakpapier.

Smelt de boter of kokosolie op een laag vuur. Spoel de boekweitgrutten af onder koud water en dep droog. Voeg de vlokken, grutten, noten en pitten toe in een kom. 

Voeg een snuf zout toe en meng goed met een lepel. 

Voeg ongeveer de helft van deze mengeling toe aan een keukenmachine met S-vormig mes en blend kort om de noten- en zadenmengeling wat fijner te malen. Voeg deze mengeling opnieuw toe aan de kom.

Voeg de gesmolten (plantaardige) boter of kokosolie en de zoetmaker toe, en meng het geheel goed met een lepel zodat alle noten en zaden bedekt zijn.

Stort het geheel uit op de bakplaat en bak het ongeveer 8 minuten. 

Haal de bakplaat uit de oven en schep het geheel eens om met een lepel. In de oven wordt immers meer warmte gegeven aan de hoeken van de bakplaat, waardoor de granola aan de rand van de bakplaat harder zal bakken dan de granola die aan de binnenkant ligt.

Zet de bakplaat opnieuw in de oven en bak nog eens gedurende 8 minuten of – iedere oven is anders – tot de granola mooi goudbruin en knapperig is. 

Gebruikte je volle kruidnagels? Haal die er dan uit alvorens te serveren.

Serveren

Eet de speculaas granola met (plantaardige) yoghurt en seizoensfruit – zoals clementines, kakis of gestoofde appelen – of combineer het in een dessertglas met chocomousse.

Bedank Moeder Natuur in stilte voor dit prachtige seizoen met zijn mooie oranje kleuren, kastanjes en paddenstoelen. 

Geniet daarna van een mooie herfstwandeling!

Bewaren 

Je kan de granola gedurende enkele weken bewaren in een luchtdichte glazen voorraadpot.

Variaties

Notenvrij? Vervang de noten door extra granen, pseudo-granen of zaden. Probeer eens met chufa of tijgernoten; die worden niet beschouwd als echte noten.

Koolhydraatarm? Vervang de vlokken door extra noten en zaden.

Vrij van toegevoegde suikers? Gebruik een halve geprakte banaan als zoetmaker. ** Zo zoet je de granola met natuurlijke suikers uit fruit. Gebruik je een volledige geprakte banaan (voor een zoetere smaak), laat de granola dan wat langer in de oven bakken aangezien het dan meer tijd nodig heeft om krokant te worden.

* Niet glutenvrij
** Het idee om granola zoet te maken met banaan zag ik een tijdje geleden in het bakboek van Bakers and Fakers